Ieder jaar (winter) moeten de olijven van onze vrienden, Odette en Noulis, geplukt worden. We hebben 2 jaar geleden een dag geholpen.
Olijvenplukken is zeer arbeidsintensief werk, alles moet met de hand worden gedaan. Op een dag hebben we met 5 personen in totaal 800 kilo olijven geplukt, die dan naar de olijfoliefabriek moeten. Er komt niet eens 100 liter olijfolie uit die 800 kilo, dus het is begrijpelijk dat die olie niet heel goedkoop is. In een grote olijfboomgaard is men al snel 2 weken dagelijks aan het werk.
’s Ochtends vroeg naar de olijfbomen. Erg warm is het niet (enkele graden boven nul). Onder de olijfbomen zijn grote, heel fijnmazige, netten gelegd. Een man snoeit de grote, volle takken en een tweede man haalt die door een soort van apparaat dat de olijven eraf slaat. De kleinere takken en datgene dat op de grote takken blijft zitten, moet met een soort van harkje er handmatig afgeritst worden. De olijven vallen op de grond/netten, die na enige tijd bij elkaar getrokken worden, waarna de opgevangen olijven in juten zakken worden gedaan. Datzelfde geldt uiteraard voor de olijven die door het apparaat zijn geritst. Er wordt hard doorgewerkt, amper tijd voor een kop koffie. Vanaf een uur of 2 in de middag wordt er gegeten en daarna worden de afgezaagde takken verbrand.
De olijven gaan naar de fabriek. Daar wordt met behulp van moderne machines de olijven gewassen, vermalen en komt aan het einde van de productielijn de olie tevoorschijn. Geweldig om te zien.